Rituele slachtingen

Startpagina
Home
Onze acties
Paarden
Andere dieren
Rituele slachtingen
Olifanten
Beren
Gorilla's
Dierproeven
Wildlife in de steden
Nieuws
Help ons
Schenkingen en legaten
Meldingen
Veganisme
Contact
Archief
Belgische Wetgeving
 

 

 



Zowel moslims als joden eisen het recht op rituele slachtingen zonder voorafgaande verdoving.

Moslims eten alleen halal vlees dat dus afkomstig is van dieren die ritueel geslacht zijn. Bij rituele slachtingen wordt de halsslagader overgesneden en laat men het dier doodbloeden. Volgens de islamitische voorschriften moet het dier nog leven op het ogenblik dat het de keel wordt overgesneden. Een onverdoofde slachting gaat gepaard met veel lijden van de dieren: pijnlijke wondranden, inademen van bloed, aspiratie van maaginhoud, verstikking, hartkloppingen, plotse daling van de bloeddruk, shocktoestand, enz. Bovendien worden de dieren vaak onprofessioneel vervoerd, geconfronteerd met reeds geslachte dieren en op een onprofessionele manier gedood.  

Volgens de islamitische voorschriften is het dus belangrijk dat het dier niet dood is; bij gewone slachtingen werkt men met een schietmasker waarbij een metalen pin in de kop van het dier wordt geschoten die de grote hersenen beschadigt en zo ook het zenuwstelsel. Het deel van de hersenen dat de hartslag regelt wordt niet beschadigd. Het dier is dus niet dood.  

Het rituele slachten contrasteert fel met de algemeen geldende slachtregels. Niet alleen zijn er thans minder pijnlijke methoden voorhanden - zoals het doden mits voorafgaande verdoving door een schietmasker of electronarcose - maar bovendien brengen de massale rituele slachtingen tijdens het offerfeest heel wat bijkomend dierenleed met zich.  

De dieren worden soms in autokoffers vervoerd en worden naar grote slachtruimtes of naar huis gebracht waar zij geconfronteerd worden met het leed en met de dood van andere dieren Het omleggen en het vasthouden van het dier - waarbij er soms enige tijd gebeden wordt - gebeurt niet altijd met enige bekommernis om wat het dier beleeft en het doorsnijden van de hals door onbevoegden is al evenmin van aard de pijn van het dier tot het minimum te beperken.

Het slachten van offerdieren ter gelegenheid van het offerfeest is geen voorschrift. Het is traditie. Offeren berust op bijgeloof en heeft niets te maken met religie en spiritualiteit.

De joden eten alleen kosher vlees. Dit is ook vlees van dieren die op rituele manier geslacht werden. Ook het Joodse gebod - Tsa'ar ba'alei hayim - zegt dat alle levende wezens met mededogen moeten behandeld worden, toch zijn kosher producten niet geproduceerd op een meer ethische manier dan niet-kosher producten.

Omdat gezondheidsvoorschriften specificeren dat een dier bij het slachten niet in het bloed van een ander dier mag vallen worden de dieren onderste boven opgehangen aan een  vervoerkabel.

Wanneer ze opgehesen worden, gaan de dieren wild te keer en roepen van de pijn omdat vaak hun benen breken onder hun gewicht.

Uruguay en Argentinie, zijn de grootste uitvoerlanden van kosher vlees naar de USA en Israel. Volgens een undercover onderzoek van PETA wordt daar de "vastmaken en ophijsen" methode gebruikt. Ze brengen de dieren ten val en houden ze met geweld in bedwang. Vervolgens worden de dieren met een scherpe metalen staaf in de nek geslagen voor ze de keel worden overgesneden en ze onderste boven worden opgehesen aan één poot. Er werd tijdens dit onderzoek ook vastgesteld dat er in kop en ledematen van nog bewuste dieren, gesneden werd.

Deze gruwelijke praktijken zijn niet alleen in overtreding van de voorschriften van Joodse geboden maar schenden ook het fundamenteel begrip van fatsoen.  

Algemeen:

Vrij naar Koen Raes (RUG)

Hoewel volgens de Belgische wetgeving dieren verdoofd moeten worden voor het slachten wordt er een uitzondering gemaakt voor rituele slachtingen. Rituele slachtingen zijn echter in meerdere aspecten in strijd met de algemene geest van de wet van 14 augustus 1986 betreffende de bescherming en het welzijn van dieren, ook al maakt die wet een uitdrukkelijke uitzondering voor rituele slachtingen. Ze zijn ook in strijd met de wet van 24 maart 1987 betreffende de dierengezondheid.  Overeenkomstig de Belgische wetgeving:

            a) mag er niet zomaar thuis geslacht worden, zonder licentie;

            b) mag niet om het even wie slachten;

            c) mag niet om het even wie veedieren vervoeren;

            d) moeten dieren op de meest pijnloze manier worden geslacht;

            e) mogen dieren niet in de aanwezigheid van andere dieren worden geslacht;

            f) is het leken verboden om slachthuizen te betreden;

            g) mag slachtafval niet bij het gewone huisvuil terecht komen.

Het lijdt geen twijfel dat de aangehaalde  praktijken zowel in strijd zijn met de algemeen geldende juridische regels terzake als met het dierenwelzijn, en bovendien in strijd zijn met de hier geldende  morele opvattingen van dierenwelzijn, waarbij dieren niet (meer) als loutere zaken worden opgevat - er staan straffen op dierenmishandeling -  maar waarbij men het vermogen van die dieren om te lijden en te genieten erkent en dit vermogen als  moreel en juridisch beschermingswaardig beschouwt. Slechts omdat het ritueel slachten momenteel juridisch wordt gezien als een godsdienstig voorschrift, dat wordt beschermd door de godsdienstvrijheid, wordt het niet opgevat als een vorm van dierenmishandeling die het in alle andere omstandigheden ongetwijfeld zou hebben. (indien men, bijvoorbeeld, middels de halssnede, varkens, honden of katten zou doden) (einde aanhaling)

Deze religieuze gebruiken, afkomstig uit een middeleeuws rurale samenleving, kunnen niet zomaar overgeplaatst worden naar een moderne maatschappij louter uit angst voor religieuze discriminatie.